Friday, January 26, 2007

Muis

De poes wordt oud en vraagt om meer zorg dan vroeger. Tegenwoordig voer ik haar bij voorkeur senior brokjes. Al eet ze die alleen op als ik ze buiten beeld eerst overgiet in een anonieme blikken trommel. De aanblik van de bejaarde katten op de verpakking lijkt haar met afgrijzen te vervullen en die brokken zijn echt te duur om keer op keer te moeten toekijken hoe een kat zich verontwaardigd van het voederbakje afwendt.

Af en toe haal ik in een gespecialiseerde zaak kattenvoer dat de vorming van haarballen tegengaat. Want een kat likt zichzelf dat het een aard heeft, al dat haar vormt haarballetjes in de maag en ofwel gaat de spijsvertering van de poes op halve kracht werken ofwel zit ik weer eens harige kots van het laminaat te schrapen. Nu hoor ik wel eens opmerken dat het toch verstandiger zou zijn om een kat gewoon te leren dat ze dat haar niet moet doorslikken. De kans dat een dergelijke opmerking wordt voortgebracht door iemand die ooit een poes van dichtbij heeft gezien, is even groot als de kans dat ik op één dag winnaar wordt van de Lotto, Euromillions en de Ronde van Frankrijk. Een kat trucjes leren lukt nooit, een kat iets zinnigs leren is al helemaal uitgesloten. In het circuswezen voeren tijgers en leeuwen wel kunstjes op, maar dat zijn allemaal ordinaire varianten op die ene truc ‘ik heb alweer mijn baasje niet opgegeten’.

Een hond kun je ongetwijfeld aanleren om zeven keer te blaffen als je hem vraagt hoeveel drie plus vier is, maar een kat krijg je zo gek niet. Gesteld dat er een televisieprogramma bestond dat De Slimste Kat Ter Wereld heette, dan was de uiteindelijke winnaar allicht de kat die al na de eerste spelronde van het kussen sprong en voor de voeten van Rik Torfs een dutje ging doen. Katten hanteren een geheel andere vorm van intelligentie dan wij.

Het is gemakkelijker om een zalm te leren tapdansen dan een kat een kunstje aan te leren.

Zo kocht ik ooit eens een krabpaal. Twee jaar heeft het ding in de woonkamer gestaan. Vierentwintig maanden lang heeft mijn kat overal in huis haar nagels aan gescherpt, behalve aan het plafond en aan die krabpaal. Ik heb hem nog cadeau gedaan aan iemand die nooit heeft geweten dat het ding niet gloednieuw was. Ik had dus beter moeten weten toen ik in de dierenspeciaalzaak in de bak met ‘solden’ keek en een nepmuis zag waarvoor ik € 1,50 (kwam van € 2,30) zou moeten neertellen. Maar de kerst was amper voorbij, het nieuwjaar zinderde nog in mijn botten na en cadeautjes geven is dan zo de rigueur dat ik prompt vond dat zelfs de poes er wel een had verdiend. Dus kocht ik de muis en toog vol goede moed naar huis.

Een half uur later zat mijn kat al naar de muis te staren alsof ik haar het verzameld werk van Ludwig Wittgenstein had cadeau gedaan, met de vraag er een musicalbewerking van te maken tegen morgen. Het klikte niet. Nochtans getuigt de muis van een ver doorgedreven professionalisme. Ik heb al op bureaustoelen gezeten die lukraak in elkaar leken geschoten maar over die muis is nagedacht. De muis zelf is een pluizig pluche bolletje met een nog pluiziger staart. Omwille van de waarheidsgetrouwheid zijn er twee zwarte bolletjes op bevestigd die voor de ogen moeten doorgaan. Al wordt de geloofwaardigheid dan weer danig aangetast door een blikken belletje dat aan de staartpunt vastzit. De muis zit met een buigzaam plastic stokje van ongeveer tien centimeter vast aan een zuignap. Die zuignap heb ik op de zijwand van een metalen kast kunnen bevestigen.

Maar het zal mijn poes seitanworst wezen. Zoals het er nu naar uitziet, zal Bianca van Temptation Island nog eerder de staatsprijs voor poëzie krijgen dan dat mijn kat die muis ook maar een tik zal verkopen. Niet dat ze de muis niet heeft ontdekt. O neen. Ze heeft al zitten kijken naar het ding met een beheersing waarvan het me verbaast dat ze geen slijtage veroorzaakt. Het buigzame stokje moet ervoor zorgen dat de muis kan trillen zodat het er ‘levend’ uitziet. Maar mijn kat heeft zo al een broertje dood aan eten dat beweegt. En het tocht niet in mijn flat. Dus beweegt muis alleen als je muis eerst een tik geeft. Mijn kat kan makkelijk een wedstrijdje staren winnen van de hond van Frasier, maar staren naar muis haalt niets uit. U kunt zich niet voorstellen hoe onaangeroerd muis er vandaag uitziet. Ik wed dat ik, als ik het ding terugbreng naar de winkel, er € 2,30 voor terugkrijg in plaats van € 1,50. Vanochtend heb ik in het voorbijgaan de muis zelf een tik gegeven. Ze trilde even. Veel indruk maakte het niet op de poes. Maar ik heb al iets minder het gevoel dat die anderhalve euro weggegooid geld is.

 

(column verschenen in De Standaard op woensdag 24 januari 2007)

Posted by Geert at 09:47:54 | Permalink | No Comments »

10 redenen om toch eens naar VTM te kijken

1.  House M.D.

2.  House M.D.

3.  House M.D.

4.  House M.D.

5.  House M.D.

6.  House M.D.

7.  House M.D.

8.  House M.D.

9.  House M.D.

10. House M.D.

Posted by Geert at 07:02:42 | Permalink | No Comments »

Tuesday, January 9, 2007

Het zakje van de Delhaize

Tien januari al. Ze moeten u nu zo langzamerhand de strot uitkomen, die nieuwjaarswensen. Een goede gezondheid is een benijdenswaardig hebbeding maar als je er om de zeven minuten één wordt toegewenst, lijkt een slepende ziekte ineens een aantrekkelijke uitkomst. Net zoals u wellicht vorige week al elke hoop heeft opgegeven omtrent het verkrijgen, nog voor dit nieuwe jaar overvloeit in 2008, van “alles wat ge wilt”. We zijn gewoon wat al te gul in het uiten van onze wensen, wat al te vaag bovendien. En in ieder geval: we menen het nooit. Of tenminste: we geloven er niet in.

Zeg eens eerlijk. Wanneer heeft u voor het laatst iemand een goede gezondheid toegewenst en daarna met een gerust gemoed gedacht dat u toch een bescheiden bijdrage had geleverd aan de overlevingskansen van de toegewenste? Dacht u nu echt dat het voor hem of haar in de komende maanden een verkoudheid of een griepje minder zou betekenen? En u heeft vast al mensen “… en veel geld …” toegewenst terwijl u heel goed wist dat er nog voor de lente een grotere auto op uw oprit zou staan dan op die van hen.
Och, we bedoelen het niet slecht. Maar we mikken veel te hoog met al die wensen. We wensen meteen het allerhoogste en het minst bereikbare, we wensen gewoon het enige wat al onze vrienden alleen maar kunnen krijgen door er zelf keihard aan te werken. Ja, zo is het gemakkelijk. Laten we meteen Afrika een gezellig jaar met veel regen toewensen, Irak een toekomst met minder interne conflicten dan Disneyland en Piet Huysentruyt een nieuw accent.Noteert u het volgende alvast voor volgend jaar, of test het meteen uit bij al wie u na is en die u nog niks heeft toegewenst met betrekking tot de komende maanden. Zo na zullen die dan wel niet zijn, het is verdraaid alweer de tiende januari, de tijd vliegt, maar misschien zijn ze toch goed genoeg om op te oefenen. Hier komt het: wens elkaar voortaan de kleine geluksbrengertjes toe. Die kleine non-events van elke dag die ons hart toch even doen opspringen, omdat iets voor één keer gemakkelijk ging in plaats van verrekte moeilijk. Wens elkaar een spreekwoordelijk zakje van de Delhaize toe. Beter gezegd: wens elkaar toe dat die zakjes in het nieuwe jaar open gaan en liefst voor al uw boodschappen op een grote berg liggen gestouwd aan het einde van de lopende band. Het verzinkt in het niets bij de ellende in de wereld, en ik zou het niet graag uitleggen aan iemand wiens kind net op een landmijn is gestapt, maar die gratis plastic zakjes in winkels en warenhuizen lijken soms jaren van ons leven af te nemen. Ze hangen daar arrogant tegen elkaar aan gekleefd aan het einde van de kassa - stomme, bijna waardeloze dingen met een heel beperkt nut, maar als ze zouden leren spreken waren hun eerste woorden vast “wedden dat je mij niet open krijgt?”. Eén zakje losmaken is al een prestatie waarvoor je zoniet een master, dan toch een bachelor in winkelen moet wezen, en als je dat flinterdunne spul in je handen houdt volgt de echte uitdaging: dat zakje moet open. Ondertussen kletteren en stuiteren de bokalen, blikken en dozen op de lopende band over elkaar heen. Je probeert één na één al die trucs die je wel eens op televisie hebt gezien. Blazen op de scheiding in het midden, het zakje bij de bodem vastnemen en nonchalant heen en weer wapperen, en als ultieme bewijs dat u een ware loser bent: de oren van het zakje driftig heen en weer wrijven tussen duim en wijsvinger. Ondertussen kijken de mensen achter u in de rij van kassa 4 ofwel verveeld, ofwel geërgerd. U hoort ze denken: ‘als dat kalf straks afrekent met het zelfde tempo als waarmee hij zijn boodschappen opbergt, wordt het weer het laatavondjournaal vandaag’. U probeert zo discreet mogelijk het zakje open te krijgen door het achtereenvolgens keihard tegen uw winkelwagentje te slaan, het op de grond te gooien en frenetiek van links naar rechts te schuiven onder uw schoenzolen én… het in uw vuist op een prop te frommelen en het zo ver mogelijk van u af te gooien, in de hoop dat het open en wel is als die kleine die daar naast kassa 7 met zijn snot aan het spelen is, het terugbrengt. Wees geen pessimist. Eén van deze trucs moet lukken. Of misschien zit het u vandaag wel helemaal mee, en voelt u zich net de Fonz als u feilloos een zakje van de haak rist, dat prompt openvalt in een gapende boodschappenmond, waar u vervolgens al uw bederfelijke en andere waren in jongleert. Heyyyy!Dat bedoel ik dus. En sta mij toe met u te oefenen. Ik wens u van ganser harte een jaar toe waarin de zakjes van de Delhaize wérken, een jaar waarin u zich dag in dag uit de keizer van de kassa mag voelen. En een goede gezondheid, natuurlijk, en alles wat u wenst. Op alle gebied. U ziet het, alle begin is moeilijk.

(verschenen in De Standaard op woensdag 10 januari 2007)

Posted by Geert at 20:56:16 | Permalink | No Comments »