Friday, October 13, 2006

Geldontwaarding

Kom mee, we gaan boodschappen doen. Enfin: u gaat boodschappen doen. Jazeker, het is weer uw avond om te koken. Zoals elke 27ste van een maand met een R in. U rijdt gezellig het parkeerterrein van uw favoriete warenhuis op, bemachtigt een winkelwagentje dat u tijdelijk twee euro lichter maakt en eenmaal voorbij de draaideuren, verandert u in een woeste winkelmachine. Als u eens mosselen kocht? Ze zijn wel erg duur. Maar hoeft u dat te verbazen van weekdieren die hun hele leven op een bank hebben doorgebracht? Neen, dus. Drie kilo. Dan zijn de mosselgroentjes gratis. En frietjes. Uit de diepvries. Zijn we toch gewend geraakt. En dat flesje wijn, waarom niet. En die nieuwe cd van K3, dan praten de kinderen misschien weer met u.

Om een lang verhaal kort te maken, u heeft voor goed veertig euro lekkers in uw karretje geladen en kunt ongemerkt de staart vormen van de kortste rij bij de kassa’s, net voor ‘gesloten’ begint te flikkeren. Kortom, het zit u mee. De kassastudent scant alles en u heeft uw biljet van vijftig euro al half uit uw portefeuille getrokken. Daarna lacht de kassastudent u toe en zegt: ,,Dat is dan drie blauwe bonnetjes en twee gele jetons.” U blijft vriendelijk en vraagt: ,,Wablief?” ,,Drie blauwe bonnen en twee gele jetons”, herhaalt de jongeman, ,,die kun je kopen vooraan in de winkel aan die tafel onder de rode parasol.”

U gaat natuurlijk geen discussie aan met de kassastudent, want hij zit niet alleen aan de kassa in uw warenhuis maar ook in het laatste jaar filosofie en u wilt naar huis voor het donker wordt. Maar legt u echt braafjes die driehonderd meter naar de parasoltafel af om u daar een reeks bonnetjes en jetons aan te schaffen, terwijl u een door de Europese Unie plechtig aanvaard betaalmiddel vast heeft? Nee. En toch hebt u de hele zomer lang niets anders gedaan. Op alle mogelijke festivals, optredens, tuinfeesten en kermissen zwaait het bonnetjes- en jetonmonster de plak. Wat zeg ik? Een beetje begrafenis deed al mee! Wie is daar ooit mee begonnen? En waarom pikken we dat allemaal zomaar? Welke occulte drijfveren zijn hieraan voorafgegaan? Ik heb de heren Paepen en D’Hoore wel uitvoerig over geldontwaarding bezig gehoord, maar heeft één van hen voorspeld dat ons geld alle waarde prompt zou verliezen als er een tapkraan en een toren plastic bekers in de buurt kwam?

Nou, nou, ‘t is dat ik het niet laat merken, maar ik erger mij daar nogal aan. Geld is delicaat. Ik ga daar niet licht over. We zijn het er nog niet over eens geraakt of die frieten nu van ons of van de Fransen zijn, maar na decennia gemor en gehakketak zijn we er toch maar mooi in geslaagd om een gemeenschappelijke munt te slaan voor de meeste Europese landen. Zodat we voor de meeste reizen in de ons omringende landen niet eens geld moeten wisselen. En fantastisch dat we dat vinden. Het gemak dat daarmee gepaard gaat! U houdt het niet voor mogelijk. Met de pasmunt die u thuis snel meegraait voor u de vlucht naar Helsinki neemt, kunt u moeiteloos in uw behoeften voorzien in het verre Finland.

Maar bevindt u zich in een tent in Lotenhulle, en heeft u net een trappist, twee pintjes, een spa en een linzethee besteld, en heeft de barmens dat allemaal netjes voor u uitgestald, en probeert u daarvoor te betalen met een biljet van twintig euro, dat in normale omstandigheden eenieder vriendelijk stemt, dan hoort u het weer: ,,’t Is hier met bonnetjes te doen. Vier groene en één oranje voor de trappist.” En met een brede armzwaai trekt de barhoeder de glazen naar zich toe. U vloekt luid omdat u zo uw tranen beter kunt onderdrukken. Ergens in Kaprijke blijkt een tafel met een parasol te staan waar u uw zuur verdiende geld kunt omzetten in waardeloze papierstrookjes, ondertussen heeft de barwachter uw drank netjes opzijgezet zodat u toch nog binnen het uur uw gezelschap kunt verblijden met drie biertjes waar het schuim af is, een spa waar de bruis uit is, en een koude linzethee. Nu ja, koude linzethee of warme linzethee. Maar u begrijpt waar ik heen wil. Verzet u! Weiger die onnozele transacties! Laat winkeltje spelen over aan kleuters! Die bonnetjes zijn er toch maar omdat we met zijn allen te braaf zijn om wat ons rest op het einde van de avond terug om te ruilen, zodat u net als iedereen thuis komt met een slordige zeven euro omgezet in plastic en bonnen. Uw geld ligt nog op de fuif, u houdt wat propjes papier over. Bel de politie! Betalen met euro’s is wettelijk geregeld! Ze kunnen u niets doen! Als u straks die dertiende maand krijgt in de vorm van een rol gele drankbonnen en een houten klapstoel van François Sermijn, moet u bij mij niet komen klagen.

Verschenen als column in De Standaard op woensdag 27 september 2006.

Posted by Geert at 15:47:52
Comments

Leave a Reply