Friday, July 7, 2006

Pief, poef en paf

Zouden games als Grand Theft Auto, Quake en wie weet, een ruige versie van Tetris, vandaag al een belangrijke plaats innemen in de legertraining? Worden de soldaten van morgen onderworpen aan urenlange sessies Doom en Manhunt om zo uit te groeien tot volwaardige roekeloze killers? Ik weet het niet zeker, maar je zou het haast denken. De invloed die wordt toegeschreven aan geweld in games en films neemt stilaan hilarische vormen aan.

Dat geweld op het scherm vooral de jongste kijkers met een vervormd en besmeurd wereldbeeld zou opzadelen, wordt natuurlijk al decennia lang beweerd. Maar na ontelbare onderzoeken over de hele wereld is er nog niet één in geslaagd een zinnig verband aan te tonen. En hoe zou het ook? Als het straks wat beter gaat en we zien elkaar weer wat liever, zal dat toch ook niet komen door de dvd-release van  The Waltons ?
Wat niet wil zeggen dat ik de mensen graag te eten zou geven die blijven vinden dat de schuld van het geweld in de samenleving vooral bij games en films te zoeken is. Er zijn er heel veel. Volgens mij hebben ze ook een sterk vermoeden dat de aarde vierkant is en dat wij met zijn allen bestaan uit een intelligente mengeling van klei en water. Als ze doorbomen over hun ideeën krijg je soms wel eens zin om ze een dreun te verkopen, maar daarom moet je de oorzaak van het geweld in de maatschappij nog niet op hun rekening schrijven.

Toen een tiener met een geweer door het centrum van Antwerpen paradeerde en daarbij ook nog eens drie mensen de dood in joeg, ging men ook weer op zoek naar de invloed van games en films. Weer klonken er titels van films en games, die vele duizenden hadden gezien of gespeeld. De meeste filmliefhebbers en gamers zaten die zonnige middag op een terras met een pint in plaats van mensen te gaan afknallen. Maar één ervan deed dat dus wel en dat kon geen toeval zijn. Toe maar.

Er is wél een duidelijk verband aangetoond tussen de daden van de jongeman en het simpele feit dat hij minuten voordien was gaan winkelen en met een jachtgeweer en twintig patronen was thuisgekomen. Ik behoed me ook hierbij voor te snelle conclusies, maar ik ben er redelijk zeker van dat als de kerel zijn inkopen had beperkt tot een doos pralines, een breinaald en een prei, en zijn slachtoffers daarmee te lijf was gegaan, de resultaten minder gruwelijk waren geweest. Of dat als zijn wat levensmoede schoolmakker, een paar weken later, met teenslippers en een hark was aangetroffen in een Kortrijkse weide in plaats van met een lange zwarte jas een geweer, zulks wellicht niet de eerste pagina’s van verschillende kranten had gehaald.

Maar ik kijk uit, want het verband tussen het kopen van een wapen en het neerknallen van iemand ermee, daar moeten we kennelijk bijzonder omzichtig mee omspringen. Kijk maar hoe het storm loopt op de wapenwinkels in de aanloop naar een strengere wapenwet.

De wapenhandelaar die het moordwapen verkocht aan de schutter van Antwerpen is er trouwens het hart van in, las ik. Ik wil die man niet met de vinger wijzen, laten we blij wezen dat hij tenminste de regels heeft gevolgd. Maar met de uitleg waarmee hij zijn eigen onschuld bepleitte, legde hij meteen zijn hele sector in duigen. ,,Je kunt toch niet van iemands gezicht aflezen of hij zoiets van plan is?” Dat klopt. Misschien is het dan toch een heel klein beetje riskant om zo onbezonnen met wapens verkopen te blijven omgaan. We hebben het dan over een klein percentage van de misdaden maar ik ga er voor het gemak maar even van uit dat elk leven telt.

Wapenhandelaren vragen altijd aan de koper wat hij of zij met het wapen van plan is. Dat is een volslagen belachelijk gebruik. Zoiets werkt alleen als we er een beetje gerust op mogen zijn dat wie een moord heeft gepland, die vraag eerlijk beantwoordt. Dan kan die wapenhandelaar alert reageren en het geweer terug naar zich toe schuiven met de woorden: ,,U begrijpt dat ik u geen vuurwapen kan verkopen. Dat zou niet fair zijn tegenover de andere leden van uw gezin, die zo’n gruwel misschien niet hebben verdiend.”

Natuurlijk kan de koper dan gewiekst de handelaar van wederwoord dienen en zeggen: ,,Ik maakte maar een grapje. Ik wil dat geweer eigenlijk voor de jacht. En toon mij ondertussen ook een paar hengels voor de visvangst.”

Waarop de koop toch kan worden gesloten. Als je die verkoopgesprekken onderzoekt, kun je misschien nog bewijzen dat de wapenwetgeving al die tijd aan de basis lag van de oneerlijkheid in onze samenleving.

(verschenen in De Standaard op woensdag 31 mei 2006)

Posted by Geert at 08:50:41
Comments

Leave a Reply